Spring naar inhoud

9.8. Toelichting op balans per 31 december 2025

9.8.1 Immateriële vast activa

Een overzicht van de overige immateriële vaste activa (software) is hierna opgenomen:
  31-12-2025 31-12-2024
1 januari    
cumulatieve verkrijgings- of vervaardigingsprijs 22.202 21.382
cumulatieve waardeveranderingen en afschrijvingen -17.864 -16.273
boekwaarde per 1 januari 4.338 5.109
     
mutaties    
investeringen 9 820
desinvesteringen -11.376 0
afschrijvingen -1.294 -1.591
overige waardeverminderingen en terugnemingen daarvan 11.376 0
totaal mutaties -1.285 -771
     
31 december    
cumulatieve verkrijgings- of vervaardigingsprijs 10.836 22.202
cumulatieve waardeveranderingen en afschrijvingen -7.782 -17.864
boekwaarde per 31 december 3.054 4.338

9.8.2 Vastgoedbeleggingen

In de posten DAEB en niet-DAEB vastgoed in exploitatie zijn 28.399 woningen, 3.321 parkeervoorzieningen (garages en parkeerplaatsen) en 1.710 overige eenheden (BOG, MOG en Intramuraal) opgenomen. In 2025 is de marktwaarde van de totale vastgoedportefeuille (inclusief voorraadmutaties) met 7% gestegen.

Een overzicht van het vastgoed in exploitatie is hierna opgenomen:
  DAEB vastgoed in exploitatie Niet-DAEB vastgoed in exploitatie Totaal
1 januari 2025      
cumulatieve verkrijgings- of vervaardigingsprijs 1.187.519 163.291 1.350.810
cumulatieve herwaarderingen 2.451.157 190.884 2.642.040
cumulatieve waardeverminderingen -77.577 -5.367 -82.944
boekwaarde per 1 januari 2025 3.561.099 348.808 3.909.907
       
mutaties      
investeringen - oplevering nieuwbouw 40.322 0 40.322
investeringen - aankopen 0 0 0
investeringen - woningverbetering 35.066 417 35.483
desinvesteringen - verkoop -6.290 -1.473 -7.763
desinvesteringen - sloop overboekingen naar vastgoed in ontwikkeling -18 -176 -194
overboeking - naar vastgoed bestemd voor de verkoop -7.807 -400 -8.207
overboeking - reclassificatie vanuit voorzieningen -53 53 0
overboeking - naar winst- en verliesrekening 0 0 0
herwaardering 194.939 11.706 206.645
cumulatieve waardevermindering 0 0 0
totaal mutaties 256.159 10.127 266.286
       
31 december 2025      
cumulatieve verkrijgings- of vervaardigingsprijs 1.248.793 161.659 1.410.451
cumulatieve herwaarderingen 2.646.095 202.590 2.848.685
Cumulatieve waardeverminderingen -77.630 -5.314 -82.944
boekwaarde per 31 december 2025 3.817.258 358.935 4.176.193
In de balans is in de waardering van vastgoed in exploitatie rekening gehouden met:
. Reclassificatie van Laan van de Sport 2 in Hoogezand en MFA Hunzehuys in Borger naar vastgoed bestemd voor de verkoop;
. Verwachte projectfacturen.
Bedragen x € 1.000
van marktwaarde naar balanswaardering DAEB niet-DAEB Totaal
marktwaarde 3.841.498 359.335 4.200.832
vastgoed bestemd voor de verkoop -7.808 -400 -8.208
verwachte projectfacturen -16.432 0 -16.432
vastgoed in exploitatie 3.817.258 358.935 4.176.193

Marktwaarde in verhuurde staat

De marktwaarde per deelportefeuille ziet er als volgt uit:
Bedragen x € 1.000
  31-12-2025 31-12-2024
woningportefeuille 3.989.480 3.712.553
bedrijfsmatig en maatschappelijk 32.471 166.433
parkeren 178.881 30.920
totaal 4.200.832 3.909.906
Het verloop van de marktwaarde van de woningportefeuille (exclusief parkeren en BOG) wordt in onderstaande tabel uiteengezet per gemeente:
Gemeente 31-12-2024 Voorraadmutaties Wettelijk voorgeschreven Disconteringsvoet Leegwaarde Overige vrijheidsgraden 31-12-2025
Borger-Odoorn 143.034 -327 -434 7.450 6.708 -198 156.233
Emmen 1.164.926 -882 -8.697 1.086 59.963 17.415 1.233.811
Groningen 1.396.719 27.048 -8.209 13.655 33.769 19.885 1.482.867
Midden-Groningen 528.907 1.161 -2.964 22.511 30.235 22.179 602.029
Stadskanaal 478.966 -672 -2.685 9.523 22.809 6.598 514.539
Totaal 3.712.553 26.328 -22.989 54.225 153.484 65.879 3.989.480

De geschatte waarde gebaseerd op de meest recente WOZ beschikkingen van alle eenheden bedraagt € 5.513 miljoen (2024: € 5.175 miljoen).

Sensitiviteitsanalyse marktwaarde:

Bedragen x € 1.000
Parameter gehanteerd in marktwaarde 2025 effect wijziging parameter effect op marktwaarde (€) effect op marktwaarde %
disconteringsvoet 7,6% 0,5% -161.174  -4,0%
    -0,5% 171.329  4,3%
gemiddelde markthuur 903  50 34.963  0,9%
    -50 -47.560  -1,2%
mutatiegraad 9,3% 1,0% 107.364  2,7%
    -1,0% -118.915  -3,0%
leegwaarde 232.884  1,0% 126.626  3,2%
    -1,0% -116.385  -2,9%

Ratio's marktwaarde in verhuurde staat

woningenportefeuille 2025 2024 2023 2022 2021
marktwaarde / m² (in € 1) 1.779  1.650  1.545  1.634  1.641 
marktwaarde / leegwaarde 60,3% 61,3% 64,2% 68,8% 70,7%
huur (THI) / Leegwaarde 3,0% 3,1% 3,3% 3,4% 3,4%
kapitalisatiefactor (kk) 19,9 19,7 19,3 20,3 21,0

Beleidswaarde

De beleidswaarde van het vastgoed in exploitatie is gebaseerd op de methodiek zoals opgenomen in het Handboek en bedraagt per 31 december 2025 € 2.590 miljoen (2024: € 2.583 miljoen)

De beleidswaarde per deelportefeuille ziet er als volgt uit:

Beleidswaarde per deelportefeuille

Bedragen x € 1.000
  31-12-2025 31-12-2024
Woningen 2.379.058 2.385.932
Parkeren 32.471 30.920
BOG 178.881 166.434
Totaal 2.590.410 2.583.286

Sensitiviteitsanalyse

In onderstaande tabel wordt aangegeven welk effect een positieve- of negatieve aanpassing van de uitgangspunten heeft op de beleidswaarde.
(bedragen x € 1.000)
Parameter wijziging parameter effect wijziging parameter effect op beleidswaarde %
beleidshuur per maand 25 185.627 7,2%
  -25 -195.527 -7,5%
mutatiegraad 1% 25.422 1,0%
  -1% -32.032 -1,2%
jaarlijkse lasten per woning 100 -111.445 -4,3%
  -100 111.445 4,3%
       
       

Verzekering & zekerheden

De vastgoedbeleggingen zijn verzekerd tegen verkrijgingsprijzen c.q. voortbrengingskosten. Jaarlijks wordt de verzekerde waarde van de wooneenheden aangepast aan het indexcijfer voor nieuwbouwwoningen zoals dit door het CBS wordt berekend. Lefier betaalt hiervoor jaarlijks een vast bedrag (jaarlijks geïndexeerd) per eenheid. Het overig bezit (niet woningen) is verzekerd tegen herbouwwaarde.

Lefier heeft het WSW gevolmachtigd om, in voorkomende gevallen, een hypotheek te vestigen op het gehele bezit. Van deze volmacht heeft het WSW gedurende het verslagjaar geen gebruik gemaakt.

9.8.3 Overige vastgoedbeleggingen

Bedragen x € 1.000
  onroerende zaken verkocht onder voorwaarden vastgoed in ontwikkeling bestemd voor eigen exploitatie
1 januari 2025    
cumulatieve verkrijgings- of vervaardigingsprijs 17.717 55.380
cumulatieve herwaarderingen 3.831 -2
cumulatieve afschrijvingen en (bijzondere) waardeverminderingen 0 -30.116
boekwaarde 1 januari 2025 21.548 25.262
     
mutaties    
investeringen 0 40.538
desinvesteringen -942 -388
herwaardering 1.214 0
waardeverminderingen 0 -32.655
terugneming van waardeverminderingen 0 2.216
overboekingen naar vastgoed in exploitatie 0 -55.221
overboekingen sloop van vastgoed in exploitatie 0 14.617
overboekingen vanuit voorraad bestemd voor verkoop 0 157
reclassificatie vanuit voorzieningen 0 23.952
nog te ontvangen facturen opgenomen onder overlopende passiva 0 -16.136
overboekingen naar winst- en verliesrekening 0 14
geactiveerde rente 0 565
subsidies 0 -816
totaal mutaties 272 -23.157
     
31 december 2025    
cumulatieve verkrijgings- of vervaardigingsprijs 16.775 62.662
cumulatieve herwaarderingen 5.045 -2
cumulatieve afschrijvingen en (bijzondere) waardeverminderingen 0 -60.555
boekwaarde 31 december 2025 21.820 2.105
Van de post "overboekingen naar vastgoed in exploitatie" (-/- € 55,2 miljoen) is het rendabele deel van -/- € 40,3 miljoen op de balans opgenomen onder vastgoedbeleggingen.

Zie verloopoverzicht 9.8.1:
- investeringen - nieuwbouw € 55,2 miljoen.
- De ORT van -/- € 14,9 miljoen zit in het saldo van "overboeking - onrendabele top opgeleverde projecten"

In de post Onroerende zaken verkocht onder voorwaarden zijn in totaal 82 verhuureenheden opgenomen (2024: 85 eenheden). Hiervan zijn geen verhuureenheden (2024: 0 eenheden) verkocht met een terugkoopplicht. Gebruik wordt gemaakt van contractvormen die de goedkeuring van de Minister hebben.

Het grootste deel van de contracten is gebaseerd op het “Koopgarant” principe waarbij sprake is van verleende kortingen op de marktwaarde tussen 0% en 25%.

9.8.4 Materiële vaste activa

Onroerende en roerende zaken ten dienste van de exploitatie

De mutaties in de materiële vaste activa ten dienste van de exploitatie zijn in het navolgende schema samengevat:
Bedragen x € 1.000
  Bedrijfsgebouwen en terreinen Vervoermiddelen Andere vaste bedrijfsmiddelen Totaal
1 januari 2025        
verkrijgingsprijzen 14.990 2.336 4.882 22.207
cumulatieve waardeverminderingen en afschrijvingen -7.472 -1.824 -4.042 -13.337
boekwaarde 1 januari 2025 7.518 512 840 8.870
         
mutaties        
investeringen 102 332 604 1.038
desinvesteringen -13 -775 -3.249 -4.037
afschrijvingen -727 -244 -376 -1.348
terugneming van waardeverminderingen 13 775 3.249 4.037
totaal mutaties -625 88 227 -309
         
31 december 2025        
verkrijgingsprijzen 15.079 1.893 2.237 19.209
cumulatieve waardeverminderingen en afschrijvingen -8.187 -1.293 -1.169 -10.648
boekwaarde 31-12-2025 6.893 600 1.068 8.560
Voor de post onroerende en roerende zaken ten dienste van de exploitatie worden de volgende componenten en afschrijvingstermijnen gehanteerd:
component afschrijvingsmethode afschrijvingstermijn
grond geen afschrijving  
opstal lineair 50 jaar
verbouwingen lineair 15 jaar
inventaris lineair 10 jaar
vervoermiddelen lineair 8 jaar
ict-middelen lineair 3 jaar

In de post onroerende en roerende zaken ten dienste van de exploitatie zijn begrepen posten met een boekwaarde van € 0,10 miljoen (31 december 2024: € 0,24 miljoen), die worden gefinancierd door middel van financial lease. Alle overige vaste activa zijn juridisch en economisch in vrije eigendom van de stichting.

De kantoorgebouwen zijn verzekerd tegen herbouwwaarde van € 15,9 miljoen, per 1 juli 2025. Er zijn op deze panden geen hypothecaire zekerheden afgegeven. De WOZ-waarde van deze panden bedraagt € 3,9 miljoen. Ultimo boekjaar is er geen indicatie op een bijzondere waardevermindering.

9.8.5 Financiële vaste activa

Het verloop van de financiële vaste activa kan als volgt worden gespecificeerd:
Bedragen x € 1.000
  deelnemingen latente belastingvordering overige vorderingen totaal
1 januari 2025 1 11.833 40.294 52.128
mutatie boekjaar 0 1.842 -1.095 747
31 december 2025 1 13.675 39.199 52.875
Inbegrepen in de stand per 31 december 2025 zijn bedragen met een:
Bedragen x € 1.000
  deelnemingen latente belastingvordering overige vorderingen totaal
- looptijd korter dan één jaar 0 0 0 0

Latente belastingvorderingen

De samenstelling van verwerkte, beschikbare verrekenbare tijdelijke verschillen en compensabele verliezen is als volgt:
Bedragen x € 1.000
verloop latente belastingvordering en (schulden) 1 januari 2025 Correcties voorgaande jaren VPB-last/bate huidig boekjaar Verdiscontering huidig boekjaar 31 december 2025
latenties met betrekking tot:          
compensabele verliezen 18.944 0 -5.082 -504 13.358
afschrijvingspotentieel 7.609 0 0 -1.343 6.266
vastgoed verkocht onder voorwaarde 245 0 0 -37 208
materiele vaste activa ten dienste van 395 0 -45 34 384
langlopende leningen 707 0 -192 88 603
voorziening groot onderhoud -8.869 0 9.061 -192 0
financiële instrumenten -7.199 0 279 -225 -7.145
  11.833 0 4.021 -2.179 13.675
De latentie voor compensabele verliezen ad € 13,4 miljoen is gebaseerd op een bedrag aan compensabele verliezen ultimo boekjaar van € 53,7 miljoen.
Bedragen x € 1.000
eigenschappen latente belastingvordering en (schulden) Nominale waarde latentie (25,8%) Contante waarde Looptijd
latenties met betrekking tot: Jaren
compensabele verliezen 13.863 13.358 3
vastgoed in exploitatie 0 0 0
afschrijvingspotentieel 6.423 6.266 27
vastgoed verkocht onder voorwaarden 440 208 36
materiele vaste activa ten dienste van 473 384 10
vastgoed bestemd voor verkoop 0 0 0
vastgoed in ontwikkeling 0 0 0
langlopende leningen 684 603 5
voorziening groot onderhoud 0 0 0
financiële instrumenten -10.368 -7.145 38
niet-aftrekbare rente artikel 15b Wet Vpb 1969 0 0 0
De latenties zijn gewaardeerd op basis van contante waarde tegen 2,10% disconteringsvoet (2023: 2,14%). Conform het besluit van Lefier in 2024 is de latentie voorziening groot onderhoud opgeheven en verwerkt in de vpb-last 2025,

Lefier heeft haar beleid afgestemd op haar volkshuisvestelijke karakter. Bij het contant maken van het vastgoed is voor een aantal latenties de veronderstelling gehanteerd dat er in de toekomst geen afwikkelmoment zal zijn van de te vormen latentie. Hierdoor bedraagt de contante waarde van die betreffende latenties nihil. De latenties zijn hiermee wel opgenomen in de tabel met eigenschappen hierboven, maar niet als latentie gewaardeerd. Voor het eventuele waarderingsverschil van vastgoed bestemd voor verkoop is geen latentie opgenomen, aangezien veelal gebruik kan worden gemaakt van de herinvesteringsreserve. Hiermee kan de belastingclaim semipermanent worden doorgeschoven naar de toekomst. Vanwege het semipermanente karakter hebben wij de looptijd in bovenstaande tabel bepaald op 999 jaar.

Er is sprake van een waarderingsverschil op vastgoed als gevolg van verschillen tussen de fiscale waarderingsregels en de regels voor de jaarverslaggeving. Dit waarderingsverschil wordt gewaardeerd voorzover er ook sprake zal zijn van realisatie. Voor het grootste deel van het waarderingsverschil geldt dat dit bij contantmaking tendeert naar nihil. Uitzondering geldt voor fiscale afschrijvingen en verkoop onder voorwaarden. Hiervoor heeft Lefier een latentie gevormd.

Lefier heeft geen belastinglatentie gevormd voor de Anti-Tax Avoidance Directive (ATAD). Jaarlijks actualiseert Lefier haar meerjarenbegroting (zowel commercieel als fiscaal) voor de komende 10 jaar. Vanuit deze meerjarenbegroting zien wij geen mogelijjkheden om in de nabije toekomst de gestalde rente te verrekenenen, daarmee is er sprake van een nominale latentie van € 0.

Overige vorderingen

  31-12-2025 31-12-2024
uitgesteld hedgeresultaat 39.105  40.186 
overige vorderingen 94  108 
  39.199  40.294 
In 2019 is een tweetal renteswaps bij de BNP doorgezakt in nieuw afgesloten langlopende leningen. Deze twee leningen zijn onder de langlopende schulden initieel verwerkt op basis van de marktwaarde. Als gevolg hiervan ontstaat een verschil tussen de nominale waarde en de marktwaarde welke jaarlijks wordt opgerent conform de effectieve interestmethode waarmee een rentebate in de winst- en verliesrekening tot uitdrukking komt. De marktwaarde van deze afgewikkelde twee renteswaps is geactiveerd en hierop wordt jaarlijks tot en met 2063 afgeschreven conform de effectieve interestmethode, waarmee een rentelast tot hetzelfde bedrag als de rentebate in de winst- en verliesrekening tot uitdrukking komt. Per saldo hebben deze mutaties in de winst- en verliesrekening geen financieel impact maar zijn om verslaggevingstechnische redenen voorgeschreven.

Daarnaast is hieronder opgenomen de gewaardeerde optiepremie derivaten vanuit contract met extendible lening als gevolg van toepassing "RJ 290.639 onder a". De optiepremie wordt lineair geamortiseerd over de looptijd van het contract tot en met 2031, jaarlijks € 14.000.

9.8.6 Voorraden

Bedragen x € 1.000
  31-12-2025 31-12-2024
voorraad terugkoop woningen 380  348 
vastgoed bestemd voor de verkoop 8.208 
boekwaarde gronden 3.850  3.883 
  12.438 4.231
Ultimo 2025 is er 1 eenheid (Curacaostraat 99 te Groningen) bestemd voor de verkoop in het kader van Koopgarant.

Verkoop MFC Borger en Laan van de Sport
In 2025 hebben we het besluit genomen om MFA Het Hunzehuys in Borger te verkopen. Het Hunzehuys is een multifunctioneel gebouw aan de Molenstraat, waar onder andere drie basisscholen, de bibliotheek, kinderopvang en het dorpshuis zijn gevestigd. De aanleiding voor de verkoop ligt bij de gemeente, die al langere tijd de wens heeft om het gebouw in eigen beheer te nemen. De drie scholen in het complex kampen met ruimtegebrek. Door eigenaar te worden, kan de gemeente zelf de regie nemen over uitbreiding en verdere ontwikkeling van de onderwijshuisvesting in Borger. Voor Lefier betekent dit dat we geen investeringsopgave meer hebben voor dit complex De huurovereenkomsten die Lefier heeft met deze partijen worden overgedragen aan de gemeente. De overdracht staat gepland voor begin januari 2026.
Ook hebben we in 2025 het besluit genomen om het kantoorgebouw aan de laan van de Sport te verkopen aan de gemeente Midden-Groningen. Overdracht vindt plaats begin januari 2026.
Beide locaties zijn in de jaarrekening verwerkt onder de voorraden/vastgoed bestemd voor de verkoop.

Daarnaast is er nog voor 9,76 hectare aan grond (2024 10,0 hectare). In lijn met interne besluitvorming wordt de grond welke onderdeel is van de niet-DAEB portefeuille, en waarvoor geen concrete plannen zijn voor ontwikkeling, verkocht en daarmee kwalificeert deze grond als voorraad.

9.8.7 Vorderingen

Bedragen x € 1.000
  31-12-2025 31-12-2024
huurdebiteuren 1.344 1.861
overige vorderingen 3.062 1.757
overlopende activa 7.430 7.492
Alle vorderingen hebben een resterende looptijd korter dan een jaar. De reële waarde van de vorderingen benadert de boekwaarde, gegeven het kortlopende karakter ervan en het feit dat waar nodig voorzieningen voor oninbaarheid zijn gevormd.

Huurdebiteuren

Bedragen x € 1.000
  31-12-2025 31-12-2024
huurdebiteuren 1.939 2.383
af: voorziening dubieuze debiteuren -595 -521
  1.344 1.861

Overige vorderingen

Bedragen x € 1.000
  31-12-2025 31-12-2024
overige vorderingen 3.062 1.757
  3.062 1.757

Overlopende activa

Bedragen x € 1.000
  31-12-2025 31-12-2024
vooruitontvangen facturen 4.160 3.952
te verrekenen vergoeding blokverwarming 0 0
door te berekenen bedragen 18 76
nog te ontvangen bedragen 73 542
vooruitbetaalde vennootschapsbelasting 3.037 2.789
overige 141 133
  7.430 7.492
Onder de overlopende activa zijn geen posten opgenomen met een resterende looptijd langer dan een jaar.

9.8.8 Liquide middelen

Bedragen x € 1.000
  31-12-2025 31-12-2024
ING-bank 4.729 0
BNG-bank 96 0
  4.825 0
De liquide middelen staan ter vrije beschikking van de rechtspersoon, er is sprake van een positief saldo van € 4,8 miljoen (2024 € 5,9 miljoen negatief, gepresenteerd onder de kortlopende schulden).

9.8.9 Eigen vermogen

Bedragen x € 1.000
  31-12-2025 31-12-2024
herwaarderingsreserve 2.805.376 2.584.962
overige reserves -20.813 -36.410
resultaat na belastingen van het boekjaar 195.713 236.011
  2.980.276 2.784.563

Herwaarderingsreserve

Het verloop van de herwaarderingsreserve in 2025 is als volgt:
Bedragen x € 1.000
  Herwaarderingsreserve DAEB-vastgoed in exploitatie Herwaarderingsreserve niet-DAEB-vastgoed in exploitatie Totaal
1 januari 2.394.070 190.892 2.584.962
realisatie uit hoofde van verkoop -7.579 -1.896 -9.475
realisatie uit hoofde van sloop -11.041 -79 -11.120
overige mutaties en opleveringen -72 -218 -290
ongerealiseerde herwaardering boekjaar 228.023 13.276 241.299
31 december 2.603.401 201.975 2.805.376
Het verloop van de herwaarderingsreserve was in 2024 als volgt:
Bedragen x € 1.000
  Herwaarderingsreserve DAEB-vastgoed in exploitatie Herwaarderingsreserve niet-DAEB-vastgoed in exploitatie Totaal
1 januari 2.173.418 151.018 2.324.436
realisatie uit hoofde van verkoop -5.833 -1.919 -7.752
realisatie uit hoofde van sloop -14.563 -251 -14.814
overige mutaties en opleveringen -1.348 192 -1.156
ongerealiseerde herwaardering boekjaar 242.396 41.852 284.248
31 december 2.394.070 190.892 2.584.962
Het gehele vermogen van Lefier dient binnen de kaders van de Woningwet en afgeleid van de BTIV te worden besteed.

Per 31 december 2025 is in totaal € 2.805 miljoen aan ongerealiseerde herwaarderingen in het eigen vermogen opgenomen (per 31 december 2024: € 2.585 miljoen) begrepen, zijnde het verschil tussen de marktwaarde in verhuurde staat van het vastgoed in exploitatie en de kostprijs. De waardering van dit vastgoed is in overeenstemming met het Handboek modelmatig waarderen bepaald en is daarmee conform de in de Woningwet voorgeschreven waarderingsgrondslag en daaruit afgeleide ministeriële besluiten geldend ten tijde van het opmaken van de jaarverslaggeving.

Uitgaande van waardering tegen beleidswaarde van het vastgoed in exploitatie is een bedrag van € 1.613 miljoen (per 31 december 2024: € 1.327 miljoen) in het eigen vermogen begrepen dat op basis van het beleid van Lefier niet kan worden gerealiseerd. De realisatie van het verschil tussen marktwaarde en beleidswaarde is sterk afhankelijk van het te voeren beleid van Lefier. De mogelijkheden voor Lefier om vrijelijk door (complexgewijze) verkoop of huurstijgingen de marktwaarde in verhuurde staat van DAEB-bezit in exploitatie te realiseren zijn beperkt door wettelijke maatregelen en maatschappelijke ontwikkelingen zoals demografie en ontwikkeling van de behoefte aan sociale (DAEB) huurwoningen. Omdat de doelstelling van de corporatie is om duurzaam te voorzien in passende huisvesting voor hen die daar niet zelf in kunnen voorzien, zal van het vastgoed in exploitatie slechts een beperkt deel vervreemd worden. Daarnaast zal bij mutatie van de woning slechts in uitzonderingssituaties de huur worden verhoogd tot de markthuur en zijn de werkelijke onderhouds- en beheerlasten hoger dan ingerekend in de marktwaarde, voortvloeiend uit de beoogde kwaliteits- en beheersituatie van de corporatie.

Overige reserves

Het verloop van de overige reserves is als volgt:
Bedragen x € 1.000
  31-12-2025 31-12-2024
1 januari -36.410 470.585
uit resultaatbestemming 236.011 -246.469
mutatie herwaarderingsreserve -220.414 -260.526
31 december -20.813 -36.410
De balans is opgemaakt voor resultaatbestemming. Het resultaat over het boekjaar 2025, groot € 195,7 miljoen, is als een afzonderlijke post onder het eigen vermogen opgenomen. Het bestuur stelt voor dit resultaat als volgt te bestemmen: na goedkeuring wordt dit bedrag in het volgende boekjaar verwerkt in de overige reserves. De resultaatbestemming van het voorgaand jaar is door de Raad van Commissarissen vastgesteld op 9 mei 2025.

9.8.10 Voorzieningen

Het verloop van de voorzieningen is als volgt:
Bedragen x € 1.000
  1 januari 2025 dotaties onttrekkingen vrijval 31 december 2025
voorziening voor onrendabele investeringen en herstructurering 29.592 19.172 -8.749 -374 39.641
overige voorzieningen 1.584 202 -102 -12 1.671
  31.175 19.375 -8.852 -386 41.312
Van de voorzieningen is een bedrag van € 32,5 miljoen als langlopend (langer dan een jaar) aan te merken, € 0 miljoen hiervan loopt nog langer dan 5 jaar.

Voorziening onrendabele investeringen nieuwbouw en herstructurering
De voorziening onrendabele investeringen nieuwbouw betreft het per saldo verlieslatende deel van contracten afgesloten ten behoeve van de ontwikkeling van nieuwbouw huurwoningen waarvoor nog onvoldoende kosten zijn gemaakt om het bedrag daarop in mindering te brengen.

Overige voorzieningen

Onder overige voorzieningen zijn de volgende voorzieningen opgenomen:
Bedragen x € 1.000
  1 januari 2025 dotaties onttrekkingen vrijval 31 december 2025
voorziening jubilea 1.104 202 -102 0 1.203
voorziening loopbaanontwikkeling 480 0 0 -12 468
  1.584 202 -102 -12 1.671

9.8.11 Langlopende schulden

Bedragen x € 1.000
  31 december 2025 31 december 2024
schulden aan overheid 1.365 1.868
schulden aan kredietinstellingen 1.147.054 1.070.291
verplichtingen uit hoofde van onroerende zaken verkocht onder voorwaarden 19.529 19.458
overige schulden 517 641
  1.168.465 1.092.258
Aflossingsverplichtingen binnen 12 maanden na afloop van het boekjaar zoals hierboven toegelicht zijn opgenomen onder de schulden op korte termijn.

Verloopoverzicht langlopende schulden

De mutaties in de langlopende schulden kunnen als volgt worden toegelicht:
Bedragen x € 1.000
  Overheid Banken Verplichtingen verkocht onder voorwaarden Overige schulden Totaal
stand per 1 januari 1.868 1.070.291 19.458 641 1.092.258
bij: nieuwe leningen 0 107.500 0 0 107.500
bij: opname lening met variabele hoofdsom 0 20.000 0 0 20.000
af: aflossingen -489 -72.793 0 0 -73.282
af: mutatie aflossingsverplichting komend jaar -15 25.179 0 0 25.164
bij: waardeverandering embedded derivaat 0 -1.661 0 0 -1.661
af: amortisatie agio 0 -1.461 0 0 -1.461
bij: waardestijging verplichting 0 0 954 0 954
af: desinvestering verplichting 0 0 -883 0 -883
af: waarborgsommen 0 0 0 -38 -38
af: financial lease 0 0 0 -86 -86
stand per 31 december 1.365 1.147.054 19.529 517 1.168.465
De continuïteitswaarde van de leningenportefeuille inclusief de kredietopslag bedraagt per 31 december 2025 € 969 miljoen (2024: € 1.050 miljoen). De Euriborcurve is gehanteerd en de renteopslag is ontleend aan de verwachtingen bij de sectorbanken. De discontinuïteitswaarde (WSW) van de leningen bedraagt per 31 december 2025 € 1.098 miljoen (2024: € 1.191 miljoen). De marktwaarde van de leningenportefeuille bedraagt in 2025 € 968,9 miljoen (2024: € 1049,7 miljoen), dit is € 152 miljoen (2024: € 16,8 miljoen) lager dan de nominale waarde. Dit betekent dat de afgesloten leningcontracten bij Lefier gemiddeld een gunstiger rentepercentage hebben dan de overeenkomstige rentecurve en bijbehorende spread per 31 december 2025. In 2025 is de inverse rentecurve, met bij langere looptijden een dalende rente, omgebogen naar een meer genormaliseerde rentecurve waarbij kortere looptijden goedkoper zijn dan financiering met lange(re) looptijden.
Het vervalschema van de langlopende schulden in de komende 5 jaar is hieronder weergegeven:
Bedragen x € 1.000
  Overheid Banken Verplichtingen verkocht onder voorwaarden Overige schulden Totaal
< 1 jaar 504 29.075 0 75 29.654
> 1 jaar en ≤ 5 jaar 1.365 119.556 0 64 120.985
> 5 jaar 0 1.027.498 19.529 321 1.047.348
totaal langlopende schulden incl. < 1 jaar 1.869 1.176.129 19.529 460 1.197.987
waarvan opgenomen onder schulden op korte termijn 504 29.075 0 75 29.654
Kenmerken leningen overheid en banken (< 1 jaar en langlopend)
Bedragen x € 1.000
  Overheid Banken, vastrentend Banken, variabel rentend 31-12-2025 31-12-2024
restschuld ultimo 1.868 1.151.129 25.000 1.177.997 1.126.898
gemiddelde rente 2,89% 2,84% 2,27% 2,83% 2,89%
gemiddelde restant looptijd in jaren 2 24 2 23 24
duration 2 16 0 15 16
Van de leningen overheid en kredietinstellingen is een totaalbedrag van € 1.120,7 miljoen opgenomen waarvoor WSW borging is verkregen. Dit is inclusief één door het WSW geborgde leningen met een variabele hoofdsom ad € 25 miljoen, waarvan ultimo boekjaar € 25 miljoen is opgenomen.

Onder de leningen zijn voor een bedrag van € 142,5 miljoen (2024: € 142,5 miljoen) aan zogenaamde basisrenteleningen opgenomen. Op deze leningen wordt een vaste basisrente betaald van gemiddeld 3,44%. De credit spread die op deze leningen wordt betaald wordt periodiek herzien. Voor de huidige leningen is de gemiddelde credit spread 0,35% (2024: 0,21%). Het vervalschema van de credit spread herzieningen is hieronder weergegeven:
Bedragen x € 1.000
geldgever type bedrag ingangs-
datum
eind-
datum
basis rente spread aanpassing opslag % totaal
NWB BAS  15.000  1-09-09 1-09-59 3,69% 1-09-26 0,25% 3,94%
NWB BAS  25.000  1-07-11 1-07-61 3,29% 1-07-26 0,25% 3,54%
NWB BAS  25.000  29-06-12 1-07-58 3,21% 1-07-27 0,31% 3,52%
BNG BAS  25.000  6-09-12 7-09-57 3,23% 7-09-28 0,45% 3,68%
NWB BAS  17.500  2-11-12 2-11-62 3,61% 2-11-27 0,31% 3,92%
NWB BAS  25.000  3-12-19 4-06-63 3,67% 3-06-28 0,46% 4,13%
NWB BAS  10.000  9-12-19 7-09-62 3,64% 7-09-26 0,37% 4,01%
Als op het moment van credit spread herziening geen akkoord met de kredietinstelling wordt bereikt over de hoogte ervan is de lening opeisbaar en dient er een break cost te worden betaald gelijk aan de netto contante waarde van het verschil tussen de dan geldende marktrente en de in de lening overeengekomen basisrente.

Onder de leningen is voor een bedrag van € 10 miljoen een extendible lening opgenomen. Bij deze lening betaalt Lefier gedurende het eerste tijdvak een vaste rente die lager is dan de marktrente zoals die op het moment van afsluiten gold. In ruil hiervoor heeft Lefier aan de tegenpartij het recht gegeven op bij het begin van het tweede tijdvak te bepalen of er een op het moment van afsluiten bepaalde vaste rente wordt betaald of dat er een variabele rente wordt betaald. Dit recht van de tegenpartij is een embedded derivaat dat is afgescheiden van het basiscontract en afzonderlijk in de balans is verwerkt onder derivaten. De belangrijkste kenmerken van deze lening en de embedded derivaat alsmede de reële waarde zijn weergegeven in de toelichting op de derivaten.

Derivaten

Lefier heeft nog één extendible lening in portefeuille. Deze extendible lening is verstrekt door ABN Amro Bank. In 2019 is deze lening overgedragen aan NWB Bank.

De marktwaarde van het embedded derivaat is minder negatief dan per ultimo 2024 gegeven de stijging van de rentecurve in 2025.

            Marktwaarde Marktwaarde    
geldgever type bedrag ingangsdatum strike renteconventie 31-12-2025 31-12-2024    
NWB extendible  10.000  2-7-2007 0,0455 act/360 -1.710 -3.371    
     10.000               
In deze extendible lening is een recht opgenomen voor de geldgever om vanaf een specifiek vooraf overeengekomen datum te kiezen voor een vaste dan wel een variabele rente. Dit recht heeft Lefier verkocht (geschreven). Het betreft een geschreven embedded receiver swaption. Conform RJ 290 dienen embedded geschreven swaptions separaat gewaardeerd te worden. Lefier is voor lening 206 vanaf 1 juli 2032 een vaste rente van 4,550% of een variabele rente verschuldigd gebaseerd op het 3 Maands Euribor-tarief zonder opslag, zulks door geldgever te bepalen.

De duration van de gehele portefeuille (inclusief het effect van de renteswaps) bedraagt 15 (2024: 16).

Verplichtingen uit hoofde van onroerende zaken verkocht onder voorwaarden

Bedragen x € 1.000
  Verplichting uit hoofde van onroerende zaken verkocht onder voorwaarden
desinvesteringen  
terugkoopverplichtingen ontstaan bij overdracht 8.694
verminderingen/vermeerderingen na overdracht 10.763
  19.458
mutaties  
af: teruggekochte onroerende zaken verkocht onder voorwaarden -883
herwaardering 955
  72
   
terugkoopverplichting ontstaan bij overdracht 7.811
verminderingen/vermeerderingen na overdracht 11.718
  19.529

Overige schulden

Bedragen x € 1.000
  31-12-2025 31-12-2024
financiële leasingverplichtingen 64 150
waarborgsommen 453 491
  517 641

Financiële leaseverplichtingen

Het verloop van de financiële leaseverplichtingen is als volgt:
Bedragen x € 1.000
  31-12-2025 31-12-2024
stand per 1 januari (lang- en kortlopend) 357 599
bij: nieuwe contracten 0 0
af: leaseverplichting -218 -242
stand per 31 december (lang- en kortlopend) 139 357
waarvan opgenomen onder overige schulden op korte termijn 75 207
waarvan opgenomen onder schulden op lange termijn 64 150
De financiële leaseverplichtingen zijn als volgt onder te verdelen:
Bedragen x € 1.000
  31-12-2025 31-12-2024
verplichtingen <= 1 jaar 75 207
verplichtingen > 1 jaar en < 5 jaar 64 150
verplichtingen >= 5 jaar 0 0
  139 357
De gemiddelde rentevoet bedraagt 4,27% (2024: 4,25%).

Overige schulden

Betreft waarborgsommen die uit hoofde van huurovereenkomsten van huurders ontvangen worden en dienen als eerste zekerheid voor de voldoening van eventueel verschuldigde achterstallige huur en mutatiekosten. De waarborgsommen inclusief rente worden bij beëindiging van de huurovereenkomst verrekend.
Bedragen x € 1.000
  31-12-2025 31-12-2024
1 januari 491 489
toevoegingen 81 41
aflossingen -118 -40
31 december 453 491

9.8.12 Kortlopende schulden

Bedragen x € 1.000
  31-12-2025 31-12-2024
schulden aan kredietinstellingen 29.075 60.150
schulden aan overheid 504 489
schulden aan leveranciers 10.685 7.329
belastingen en premies sociale verzekering 2.708 2.480
overige schulden 15.622 20.851
overlopende passiva 45.059 38.099
  103.653 129.398

Lefier heeft per 31 december 2025 bij de ING Bank N.V. een kredietfaciliteit ter grootte van € 20 miljoen, op balansdatum is deze faciliteit niet benut.

Onder de "schulden aan kredietinstellingen" en "schulden aan overheid" zijn opgenomen de aflossingsverplichtingen op leningen die vervallen binnen 1 jaar na afloop van het boekjaar. Voor het in deze post opgenomen kortlopende deel van langlopende schulden verwijzen wij naar de toelichting op de langlopende schulden.

Met ingang van dit boekjaar presenteren we de ontvangen subsidiegelden onder de "overige schulden" in plaats van onder de overlopende passiva. De vergelijkende cijfers zijn hierop aangepast.

Alle kortlopende schulden hebben een resterende looptijd korter dan een jaar. De reële waarde van de kortlopende schulden benadert de boekwaarde vanwege het kortlopende karakter van de schulden.

De overlopende passiva bestaan uit de volgende posten:
Bedragen x € 1.000
  31-12-2025 31-12-2024
vergoeding NAM herstelkosten aardbevingsschades 9.225 8.680
niet-vervallen rente 16.207 15.721
aangegane verplichtingen investeringsprojecten 11.529 3.933
aangegane onderhoudsverplichtingen 1.106 1.765
overige aangegane verplichtingen 0 997
vooruitontvangen huuropbrengsten 3.264 2.992
verplichting verlofsaldo 1.203 979
te verrekenen servicekosten 1.062 1.608
nog te ontvangen facturen 1.335 467
overige kortlopende schulden 128 958
  45.059 38.099

9.8.13 Niet in de balans opgenomen activa en verplichtingen

Maatregel 29
Lefier ontvangt in het kader van verduurzaming woningcorporaties Maatregel 29 subsidie voor in totaal bijna € 43 miljoen verspreid over de periode 2025 – 2027. Deze subsidie wordt toegekend aan corporaties in het werkgebied provincie Groningen en de Noord-Drentse gemeenten Aa en Hunze, Noordenveld en Tynaarlo. Lefier dient de volgende werkzaamheden uit te voeren:

1. Het isoleren en ventileren van de huurwoningen, tot de Standaard voor woningisolatie. De standaard voor woningisolatie geeft aan wanneer een woning goed genoeg is geïsoleerd om aardgasvrij te worden.
2. De ontzorging en ondersteuning van gespikkeld bezit bij woningcorporaties in de provincie Groningen en de Noord-Drentse gemeenten Aa en Hunze, Noordenveld en Tynaarlo.

De start van de subsidieactiviteiten is op 15 september 2025. De activiteiten zullen uiterlijk 12 december 2034 zijn afgerond. Op 25 september 2025 heeft Lefier de 1e tranche ontvangen.

BTW Zonnepanelen
Lefier heeft in november 2025 een verzoek gedaan aan de belastingdienst om de BTW over de zonnepanelen over de jaren 2020 tot en met 2025 terug te mogen vorderen. Gezien de onzekerheid dat deze terugvordering toegestaan zou worden, is de vordering voorzichtigheidshalve niet opgenomen in de jaarrekening. Op 23 april heeft de belastingdienst een gedeelte van de vordering circa € 1,4 miljoen toegekend.

Aankoop studenteneenheden van Nijestee
Vanaf januari 2026 nemen we twee karakteristieke panden in de binnenstad van Groningen over van Nijestee: Rotterdammerstraatje 1 en Nieuwe Kerkhof 13. Samen goed voor circa 40 studio’s, kamers en ateliers. Lefier is hiervoor een verplichting aangegaan van € 3,5 miljoen.

Investerings- en onderhoudsverplichtingen

Er zijn niet in de balans opgenomen verplichtingen voor projecten (nieuwbouw, grex, verbetering en overige investeringen) tot een bedrag van € 116,6 miljoen (2024: € 89,8 miljoen). Deze verplichtingen komen voor € 85,9 miljoen naar verwachting tot afwikkeling in een periode van 1 jaar ná balansdatum. Daarnaast zijn we voor de "Beheer- en Onderhoudsperiode" van onze Nul Op de Meter (NOM) woningen langdurige contracten, om deze woningen op het beschreven kwaliteitsniveau te houden, aangegaan met de BAM (40 jaar vanaf 2016) en Dura Vermeer (40 jaar vanaf 2017). In 2025 waren de hiermee gemoeide onderhoudskosten circa € 0,7 miljoen (met jaarlijkse indexatie conform het CPI), de totale verplichting voor deze onderhoudslasten bedraagt afgerond 21 miljoen.

Huurverplichtingen
Het jaarlijks bedrag van met derden aangegane verplichtingen bedraagt:
- van onroerend goed bedraagt in totaal € 0,35 miljoen (1 jaar). Voor de periode 1 tot 5 jaar bedragen deze € 0,36 miljoen.
- aan overige huurverplichtingen zoals E-Bikes, multifunctionals (printers) en koffiemachines een jaarlijks bedrag van circa € 0,1 miljoen.

Leaseverplichtingen
Lefier is operationele leaseverplichtingen aangegaan voor het gebruik van leaseauto's. De totale leaseverplichting bedraagt € 1,6 miljoen, waarvan € 0,6 miljoen afloopt binnen 1 jaar. Het restant € 1,0 miljoen betreft een verplichting tussen 1 en 5 jaar.

WSW Obligo
Uit hoofde van het borgingsstelsel heeft Lefier een obligoverplichting jegens het WSW. Deze bestaat uit de jaarlijkse obligoheffing van maximaal 0,34% en een gecommitteerd obligo in de vorm van een variabele lening van maximaal 2,6% van het geborgd volume aan leningen, ultimo het afgelopen kalenderjaar. Over 2025 bedroeg de obligoheffing € 286.880 (2024: € 298.374). Dit is 0,0269% van het totale geborgde schuldrestant per ultimo 2024. De maximale obligoverplichting bedraagt € 27,7 miljoen per 31 december 2025 (€ 26,1 miljoen per 31 december 2024).

Lefier zal de komende 5 jaren naar verwachting in totaal € 11,6 miljoen moeten afdragen aan jaarlijkse obligoheffingen en eventueel verstrekken van gecommitteerde obligo om het risico-vermogen van het WSW op peil te houden. Indien het WSW het gecommitteerde obligo zou opeisen dient Lefier het bedrag binnen 10 dagen aan het WSW over te maken. Lefier verwacht indien noodzakelijk aan deze verplichting te kunnen voldoen door het nog niet benutte deel van het bestaande financieringskrediet aan te spreken, en zo nodig een aanvullende lening aan te trekken binnen het aanwezige faciliteringsvolume.

Samenwerkingsovereenkomst Stadshavens
Lefier heeft op 17 mei 2022 inzake de gebiedsontwikkeling Stadshavens te Groningen een samenwerkingsovereenkomst getekend met gemeente Groningen, collega corporatie Nijestee en diverse marktpartijen waarin Lefier het recht heeft verkregen tot de realisatie van 135 huurwoningen.

Versterking van woningen als gevolg van risico op aardbevingen
Lefier heeft op basis van het Burgerlijk Wetboek (artikel 6:174 BW, verantwoordelijkheid van de eigenaar van een opstal) en de Woningwet (artikel 1a, lid 1, algemene zorgplicht eigenaar bouwwerk) de verplichting om te zorgen dat het door haar verhuurde vastgoed veilig is. Deze veiligheid kan mogelijk in het geding komen door het risico op aardbevingen in een deel van ons werkgebied (zie ook Hoofdstuk 4 algemene toelichting van de jaarrekening). Door het uitvoeren van versterkingsmaatregelen kan dit risico naar verwachting worden weggenomen.

Fiscale eenheid voor de VpB
Stichting Lefier vormt met Lefier Holding B.V. een fiscale eenheid voor de vennootschapsbelasting. Op grond van de Invorderingswet zijn de vennootschap en de met haar gevoegde dochteronderneming ieder hoofdelijk aansprakelijk voor ter zake door de combinatie verschuldigde belasting. In de jaarrekening van Lefier wordt een belastinglast berekend op basis van het behaalde commerciële resultaat. Door Lefier wordt met Lefier Holding B.V. via de rekening-courantverhouding afgerekend.